Café Biljart Overkamp

Moyennebepaling – District Berkel en Slinge – Seizoen 2018 – 2019.
Spelers, welke in het voorgaande seizoen vier of meer wedstrijden hebben gespeeld,

beginnen dan met het daarin behaalde hoogste moyenne.
Dit moyenne wordt herzien op de datum, welke in de wedstrijdkalenderstaat vermeld,

mits vier wedstrijden zijn gespeeld.
Is het moyenne op de herzieningsdatum hoger dan het beginmoyenne,
dan moet hiermede het tweede gedeelte van de competitie worden voortgezet,

dus geen verlaging.
Is het moyenne op de herzieningsdatum dus lager, dan blijft het beginmoyenne van kracht.
Kijk voor het juiste moyenne en de speelvolgorde op Biljartpoint onder “Huidig moyenne”.
Aan het einde van de competitie geldt voor de deelname aan de gewestelijke voorronden

c.q. finales, het hoogste behaalde moyenne over alle gespeelde wedstrijden tijdens de competitie, alsmede de wedstrijden tijdens de districtsfinales.
De resultaten van de eventueel gespeelde gewestelijke voorronden,

finales en landsfinales tellen niet mee voor de bepaling van het nieuwe beginmoyenne.
Het nieuwe beginmoyenne vindt U onder het algemeen moyenne in Biljartpoint,

hetwelk dan wel hoger of lager kan zijn, zodat niet een periode van anderhalf jaar volgt met een te hoog moyenne.
Wanneer een speler tijdens de persoonlijke kampioenschappen een hoger moyenne

heeft gespeeld in een betreffende klasse dan zijn competitiemoyenne,

wordt dit hoogste moyenne bijgesteld.
Spelers, welke in het voorgaande seizoen geen vier wedstrijden hebben gespeeld,

worden als nieuwe spelers beschouwd.
Zij zullen dan ook na vier gespeelde wedstrijden worden herzien.

Dit betekent een officieel moyenne, hetwelk alleen naar boven kan worden bijgesteld.
Men kan ook tijdens de eerst gespeelde wedstrijden een tussentijdse aanpassing doen.
Deze regeling c.q. voorbeelden geldt zowel voor driebanden (10%) als libre (20%).
Vervolgens worden deze spelers herzien op de datum,

welke voor de herzieningen bekend is gemaakt in de wedstrijdkalender of in de tweede

gedeelte na vier gespeelde wedstrijden.
Indien een speler de competitie is begonnen met een niet-officieel moyenne

en aan het eind van de competitie geen vier wedstrijden heeft gespeeld,

wordt alsnog de 10 resp. 20%-regeling toegepast op de wel gespeelde wedstrijden.
In uitzonderlijke gevallen kan dit dus zeer zeker ook gevolgen hebben voor de

eindstand van de gespeelde competitie in verband met eventuele puntenaftrek.
Om deel te mogen nemen aan de gewestelijke voorronden en finales,

alsmede eventuele deelname aan de landsfinale, moet een speler minimaal vier

wedstrijden tijdens de competitie inclusief de districtsfinale hebben gespeeld.